Enne Koops ~ Top 50 ~ Nederlandse woorden uit het Maleis & Indonesisch

Woorden die je uit een andere taal overneemt noem je leenwoorden. In totaal zijn er 109 Maleise of Indonesische en 3 Javaanse woorden geleend in de Nederlandse taal, waarmee het Indonesisch qua aantal leenwoorden op de zevende plaats komt, na de Romaanse talen Italiaans en Spaans, maar nog voor het Jiddisch. Dit artikel geeft een overzicht van 50 mooie leenwoorden uit de Maleise of Indonesische taal.

Veel Maleise en Indonesische woorden zijn via het personeel van de VOC, zeelieden en reizigers in het scheepsjargon terechtgekomen en via die weg in de Nederlandse taal beland.

Achtergrondinformatie Maleise en Indonesische leenwoorden
De volgorde van onderstaande lijst is enigszins willekeurig en gebaseerd op de smaak van de auteur. Bij deze lijst dient aangetekend te worden dat woorden die vóór 1928 geleend zijn, Maleis genoemd worden. Begrippen van ná die tijd heten Indonesisch. In 1928 werd het Maleis namelijk uitgeroepen tot de nationale taal, de Bahasa Indonesia (‘Indonesische taal’). De Indonesische regering legde dit in 1945 in de grondwet vast, waarna in 1972 een spellingverandering volgde die afweek van het vroegere Maleis.

Lees verder: http://historiek.net/nederlandse-woorden-maleis-indonesisch/

Bruce Stokes ~ Language: The cornerstone of national identity

PewResearchCenter. Of the national identity attributes included in the Pew Research Center survey, language far and away is seen as the most critical to national identity. Majorities in each of the 14 countries polled say it is very important to speak the native language to be considered a true member of the nation.

Roughly eight-in-ten or more Dutch, British, Hungarians and Germans believe the ability to converse in their country’s language is very important to nationality. Canadians and Italians are the least likely to link language and national identity. Nevertheless, roughly six-in-ten in Canada and Italy still make that strong connection.
[…]

Europeans see language as a strong requisite of national identity
The European Union has 24 official languages and a number of other regional and minority languages among its 28 member states. Majorities in all of 10 European nations surveyed say it is very important to be able to converse in the local tongue, ranging from 84% of the Dutch to 59% of Italians.

Although majorities agree on the link between language and national identity, older Europeans and those on the political right often feel more strongly about the importance of native language facility.

Read more: http://www.pewglobal.org/national-identity/

Enne Koops ~ Top 50 Jiddische woorden in het Nederlands

Het Jiddisch is de Hebreeuws-Duitse mengtaal van de Joden die zich in de zeventiende eeuw in de Nederlanden – met name in Amsterdam – vestigden. Op markten, in winkels en cafés spraken deze Joden hun eigen taal. Uiteindelijk kwamen veel woorden zo in het Amsterdamse dialect terecht, ook in hogere kringen in die stad, en verspreidden zich later over heel Nederland. Niet alleen vanuit Amsterdam, maar ook vanuit plaatsen met (relatief) veel Joodse inwoners zoals Enschede, Groningen en Winschoten.

Historiek stelde naar eigen smaak een top 50 samen van de mooiste en fraaiste Jiddisch-Nederlandse woorden. Ter lering en vermaak:

bolleboos ~ slimmerik (van ba’al haba’jit = vader van het huis)
gabber ~ vriend (van chaveer = vriend, maat, kameraad)
hoteldebotel ~ in de war, volledig van slag, stapelgek, dolverliefd.
mesjogge ~ gestoord, gek
gein ~ plezier, lol (van chen = pret, behagen)
jatten ~ handen, ‘klauwen’. Bijv.: ‘Blijf met je jatten van een ander af!’ (van jad, wat ‘hand’ betekent)
sjacheraar ~ beunhaas
geteisem ~ uitschot, slecht volk (van chatat = zondeoffer)
penoze ~ boeven, onderwereld (van parnasa = werk, broodwinning)
kapsones ~ hoogmoed

Lees verder: http://historiek.net/top-50-jiddische-woorden

Nu online: Piet de Kleijn – Combinatiewoordenboek. Nederlandse substantieven met hun vaste verba. Nu online.

Nu online: Combinatiewoordenboek. Nederlandse substantieven met hun vaste verba. Gratis en voor niets! 

http://combinatiewoordenboek.nl/#

Algemene inleiding
Woorden worden meestal gebruikt in combinatie met andere woorden: in verband met, houden van, zich afvragen of, boodschappen doen, hard werken, prettige vakantie. Zoals uit deze voorbeelden blijkt, kunnen diverse woordsoorten (voorzetsels, zelfstandige naamwoorden, werkwoorden, bijwoorden, voegwoorden, bijvoeglijke naamwoorden) combinaties aangaan. Omdat in het Nederlands zelfstandige naamwoorden en werkwoorden de twee meest voorkomende woordsoorten zijn, ligt het voor de hand dat combinaties van deze twee woordsoorten zeer frequent zijn.
In Nederlandse woordenboeken kan men woordcombinaties vinden. Maar woordenboeken, hoe uitgebreid ook, geven maar een zeer beperkte weergave van het totale taalaanbod. Dat geldt voor alle aspecten van een taal en dus ook voor de combinatie zelfstandig naamwoord + werkwoord. Daarvan wordt, ook in de grootste woordenboeken, maar een kleine gedeelte opgenomen. En behalve beperkt, is de vermelding nogal willekeurig en soms onlogisch. Criteria voor het al dan niet opnemen van verbindingen worden nergens genoemd.

Door mijn werkzaamheden als docent Nederlands als tweede taal en als vreemde taal was het mij duidelijk geworden dat voor anderstaligen – ook voor de vergevorderden – het gebruik van de juiste combinatie van zelfstandig naamwoord en werkwoord moeilijk is. Daarnaast was er het gegeven dat deze categorie, maar ook hun docenten en de samenstellers van lesmateriaal, niet konden beschikken over een degelijk overzicht van genoemde combinaties. Dat leidde in 2003 (herdruk 2006) tot de publicatie van het Combinatiewoordenboek van Nederlandse substantieven met hun vaste verba. De doelgroep was in de eerste plaats de anderstalige, maar tegelijkertijd wilde het Combinatiewoordenboek een min of meer volledig woordenboek zijn. Dat had iets tweeslachtigs.

In deze derde uitgave is resoluut gekozen voor een algemeen woordenboek dat voor het Nederlands een beschrijving probeert te geven van de gangbare vaste verbindingen tussen zelfstandige naamwoorden en werkwoorden: geld beleggen, uit de regering treden, een ruit sneuvelt, een vis spartelt, de vlag hangt slap, de tafel staat ergens, smeergeld krijgen. Ten opzichte van de eerste en de tweede druk betekent dit dat de beperkingen die daar waren ingegeven door de niet-Nederlandstalige gebruiker zijn komen te vervallen. Deze beperkingen hadden te maken met het totale aanbod van werkwoorden, met het aanbod van synonieme werkwoorden en met het aanbod van werkwoorden die tot het formele taalgebruik behoren. Het gevolg van genoemde verruiming is dat deze derde druk ruim 15.000 werkwoorden meer telt dan de twee voorafgaande, een toename van meer dan 30%. Het totaal aantal werkwoorden, gekoppeld aan een zelfstandig naamwoord, bedraagt nu 52.623.
Een aantal lemmaʼs (zelfstandige naamwoorden) is in de derde druk niet meer opgenomen. Dat betreft hoofdzakelijk zelfstandige naamwoorden die deel uitmaakten van de in de derde druk niet meer teruggekeerde groepen ʻbeeld- en geluidsdragers’, ʻleestekens’, ʻmuziekinstrumenten’ en ‘uitgaansmogelijkheden’. Er zijn slechts acht nieuwe substantieven aan de derde druk toegevoegd: beleg (militair), bezit, bezitting, bodem, collecte, dam, dijk, eigendom en ziekenhuis. Daarmee bedraagt in deze derde druk het totaal aantal behandelde zelfstandige naamwoorden (lemmaʼs) ongeveer 2800.

Patrick Cox ~ The first cousin of the English language is alive and well in the Netherlands

People who study the evolution of the English language have always had a fascination with Frisian.
In their older forms, the two languages shared vocabulary and grammar patterns that differed from other Germanic languages.

It’s less clear today. The Norman invasion of England in 1066 resulted in a French invasion of English, while Dutch has rubbed off on Frisian, or at least the version of Frisian that is spoken in the Netherlands.

English has become the world’s premier language. And Frisian … it has managed to hang on, against the odds. It’s now making a comeback, partly thanks to the European Union and Dutch government support (sometimes begrudgingly) for Frisian language schools, news media and performance arts. Frisians themselves are more likely to say their language has survived because of the determination of the Frisian people. Non-Frisians in the Netherlands sometimes characterize this as stubbornness. Whatever it is, people in villages across the province of Friesland still speak Frisian. And increasingly, young people write in Frisian, especially when using social media.
So what about that connection with English? It goes back at least 1,400 years. The English king Ethelbert oversaw the establishment of the so-called Kentish laws, the first laws that we know of written in any Germanic language. The Kentish Laws are the oldest surviving documents in Old English.

Read more: https://www.pri.org/stories/first-cousin-english

Tweetaligen kunnen combineren taken op latere leeftijd makkelijker aan

Mensen die een groot deel van hun leven tweetalig zijn, hebben op latere leeftijd minder moeite met het combineren van verschillende taken.

Wetenschappers van de universiteit van Montreal testten oudere deelnemers op het uitvoeren van verschillende taken. Tijdens het uitvoeren van die taken werd hun hersenactiviteit gemeten met scans.

In Journal of Neurolinguistics beschrijven de onderzoekers hoe ze ouderen die tweetalig waren en ouderen die één taal spraken verschillende taken lieten uitvoeren. Aan de scans was te zien dat tweetalige ouderen een kleiner deel van hun hersenen gebruikten om twee taken tegelijk uit te voeren, dan ouderen die één taal spraken.

Lees verder: http://www.nu.nl/tweetaligen-kunnen-combineren

Ineke van de Craats ~ Hoe leer je een tweede taal?

Kleuters leren makkelijker een tweede taal dan jongvolwassenen. Dat komt doordat jonge kinderen een taal op de automatische piloot leren terwijl scholieren veel grammaticaregeltjes moeten leren. Een lesmethode waarbij scholieren de grammatica op een onbewuste manier aanleren, net als kleuters doen, heeft meer resultaat.

Is het niet merkwaardig dat middelbare scholieren rapportcijfers krijgen voor dezelfde prestatie die een kleuter moeiteloos neerzet? Sterker nog, sommige kleuters leren twee talen tegelijk zonder woordenboek, zonder grammatica en zonder schriftelijke overhoringen en proefwerken. Kinderen in de basisschoolleeftijd kost het al wat meer moeite en pubers leren echt niet meer spelenderwijs Frans, Duits of Latijn. Wat zou de oorzaak kunnen zijn?

Hoe ouder je bent op het moment dat je een tweede taal gaat leren, hoe kleiner de kans is dat je die taal net zo goed zult leren als iemand wiens moedertaal het is. Vooral na je twaalfde jaar wordt die kans snel kleiner.

Lees verder: https://www.nemokennislink.nl/hoe-leer-je